Tertio 936 - Religieuze tekenen

Column Steven Vanackere

Religieuze tekenen

Neen, het verschil tussen totalitaire en democratische samenlevingen betreft niet eerst en vooral wat de meerderheid van de bevolking wil. Het gaat over de ruimte die minderheden al dan niet krijgen.

Hekel aan verschil

Totalitaire regimes willen wegwerken wat afwijkt. Ze wantrouwen minderheden. Pretentieus spreken ze over  “de wil van het volk”. Ze haten het verschil. Desnoods bekampen ze het met strenge kledingvoorschriften. Met voetstoots aan te nemen waarheden. Met systemen van uitsluiting die diep doordringen in de poriën van de gemeenschap. Of ze laten het vuile werk van het gelijktrekken van de geesten opknappen door marktmechanismen. Die zijn daar trouwens erg goed in, met inbegrip van het aanbieden van illusies van uniekheid: mijn eigen kledingstijl, mijn voetbalploeg,… Iedereen zo gelijk mogelijk, totalitaire systemen zijn er dol op. Het helpt verkiezingen te winnen. Het is goed voor de winstcijfers.


Onderschrift foto: “Dezelfde vrijheid die de ene de kans geeft een uiterlijk religieus teken te dragen, garandeert mij eveneens het recht dat niet te doen en er ook in geen enkele omstandigheid toe verplicht te worden”, betoogt Steven Vanackere.  © RR

Een democratische samenleving is veel minder bang voor de verschillen. Omdat die vaak net de uiting zijn van de vrijheden die zo wezenlijk zijn voor een echte democratie. En omdat het waarderen van het verschil helemaal niet ten koste hoeft te gaan van waarachtige menselijke gemeenschappelijkheid.

Aanleg tot ergernis

Niemand zegt dat zoiets gemakkelijk is. Respect voor andermans vrijheid wordt maar relevant als het gaat over keuzes die uitdrukkelijk niet de onze zijn. Vrijheden die onze aanleg tot ergernis wakker maken. Zeker, we gunnen elkaar van harte de vrijheid te denken en te doen zoals wijzelf. Maar daden die – zelfs onbedoeld – onze eigen keuzes in twijfel trekken, kunnen minder op onze sympathie rekenen. Nochtans is verdraagzaamheid geen luxeproduct voor alleen die vormen van diversiteit die we wel charmant vinden. Verdraagzaamheid betekent het in toom houden van ons veel te snel gekwetste gemoed. Enkele weken geleden liet VUB-professor Mark Elchardus in Tertio (nr. 932-933 van 20/12/’17) optekenen dat wie zich over eender wat gekwetst acht, alle vrijheid teniet kan doen. Hij pleitte ervoor niet alleen grenzen van de vrijheid te herbevestigen, maar ook de  “grenzen van de gevoeligheid”  (voor andermans vrijheid). Geen zinnig mens betwijfelt dat de vrijheid van de enen soms moet worden beperkt om die van anderen mogelijk te maken. Na een zeker uur wordt uw vrijheid om luid te musiceren geremd door die van anderen om te kunnen slapen. Op een dolgedraaide libertariër na heeft niemand een probleem met dat argument.

Vrijheid van overtuiging

Maar wie de godsdienstvrijheid aan banden wil leggen, heeft er in onze geseculariseerde samenleving een wankel argument aan. Andermans keppeltje of hoofddoek tast mijn vrijheid van geen kanten aan. Diezelfde vrijheid die de ene de kans geeft een uiterlijk religieus teken te dragen, garandeert mij eveneens het recht dat niet te doen en er ook in geen enkele omstandigheid toe verplicht te worden.

De tendens om het religieuze compleet uit het openbare leven te doen verdwijnen is nefast en van een grote intellectuele armoedigheid. De allergie tegenover iedereen die een gelovige overtuiging niet wil of kan verstoppen, heeft niets te maken met de heilzame scheiding van kerk en staat. Natuurlijk kunnen en mogen religieuze normen de maatschappelijke ordening niet dwingend bepalen, wel democratische meerderheidsbesluiten met afdoende respect voor minderheden. Maar dat zijn terechte vingerwijzingen voor een overheid die zich ver moet houden van totalitaire aanspraken. Dat heeft niets te maken met het gedrag van vrije mensen die zich vreedzaam beroepen op hun grondwettelijke rechten.

Geen detail

Wat op het spel staat, is een kijk op de mens als spiritueel wezen, waarin het religieuze een plaats krijgt. Dat is geen detail. Het betekent overigens niet dat er geen gesprek mogelijk is. Religieuze voorschriften hoeven niet onttrokken te worden aan een interne en zelfs aan een maatschappelijke dialoog. Wie weet is verzet tegen bepaalde religieuze uitingen ingegeven door oprechte bekommernis voor de andere, zoals de vrees van onderdrukking. Dat is een boeiende invalshoek, die tot nog heel wat andere nuttige consequenties leidt. Maar als een verbod om buitenshuis een hoofddoek te dragen een moeder tegenhoudt naar het schoolcontact in Molenbeek te komen, zijn we allemaal veel verder van huis.

/     Uw reacties zijn welkom op redactie@tertio.be

» Meer lezen (pdf, enkel voor abonnees)