Tertio 892 - Dossier liturgische muziek: nieuwe wegen gaan en erfgoed koesteren

Dossier liturgische muziek: nieuwe wegen gaan en erfgoed koesteren

Begin deze maand brak paus Franciscus een lans voor een kwalitatieve vernieuwing van liturgische gezangen. Sinds Vaticanum II (1962-1965) zijn er soms middelmatigheid, kunstmatigheid en banaliteit in de liturgische muziek geslopen. Dat stelde paus Franciscus tijdens een internationale conferentie over het 50-jarige document Musicam Sacram. Tertio laat drie kenners van liturgische muziek aan het woord over wat zoal leeft in Vlaanderen.

In de eucharistie brengt de gezongen dialoog met de voorganger de gelovige tot dialoog met Jezus Christus. Dat is voor Ignace Thevelein, docent kerkmuziek aan het Brugse grootseminarie, de sleutel tot een goed gebruik van liturgische muziek. “Het Romeins missaal is gebaseerd op de dialoog tussen voorganger en gemeenschap, een dialoog die best gezongen wordt.” De Brugse priester verwijst naar het recent verschenen Chanter la messe van Philippe Robert, Frans componist van liturgische muziek. “De titel van dat boek zegt het heel kernachtig: de mis zingen is niet hetzelfde als zingen in de mis.”

“Waar zingen grote groepen mensen nog samen in koor? In het voetbalstadion en in de kerk”, merkt Arnout Malfliet op. “Als jongere ben ik vier keer naar Taizé gegaan. Wat me daar het meest van is bijgebleven, is het gezang”, vertelt hij. “Daar is toen de kiem gelegd van mijn hartstocht voor het samen zingen als gelovige gemeenschap. Zingen schept verbondenheid, tilt je boven jezelf uit. En of je nu vals zingt of onzeker bent, dat doet er niet toe. Wat telt, is of je ten volle deelneemt aan de viering.”

“Ik heb geen theoretische kennis over liturgie. De achtergrond die ik hierover heb, haalde ik voornamelijk uit repetities met dirigenten die hier vaak wel zeer goed in thuis zijn. Misschien heb ik daardoor in de compositie van mijn Missa Brevis zaken anders geïnterpreteerd dan de theorie het strikt genomen voorhoudt”, vertelt componist Hans Helsen. “Voor het eindresultaat maakt dat in mijn ogen uiteindelijk geen verschil: er bestaan al duizenden, uiteenlopende toonzettingen voor missen, en daaraan heb ik nu de mijne toegevoegd die de luisteraar een nieuwe interpretatie van iets bekends kan brengen.”