Tertio 888 - Avaritia

Standpunt Geert De Kerpel

Avaritia

Afgelopen week. Louis Michel laat zich in een interview ontvallen dat wie de wedde van een parlementslid wil beperken tot 4.800 euro netto, kiest voor een wereldvreemde volksvertegenwoordiging. Die zal volgens de voormalige EU-commissaris en Belgische vicepremier dan alleen nog worden bevolkt door ambtenaren en leerkrachten,  “maar in de steek gelaten door ondernemers en advocaten”. Ter info: het gemiddelde loon in België ligt om en bij de 3.400 euro, bruto.

De MR-coryfee is niet de enige die in ons politieke bestel aan een stevig gebrek aan realiteitszin schijnt te lijden. Zie het Publifin-schandaal dat de Waalse politiek teistert. Zie de Publipart-affaire die paars-groen in Gent aanvreet. Zie de al te royale vergoedingen die nogal wat politici, maar ook een aantal van hun medewerkers in kabinetten en partijen als extra’s ontvangen dankzij bestuursmandaten in overheidsbedrijven, in vennootschappen afgeleid van intercommunales, als regeringscommissarissen en noem maar op. 

Als vergoelijkingen worden aangehaald dat er in de politiek doorgaans hard wordt gewerkt – avonden en weekends inbegrepen. Dat daar geen te hoog loon tegenover staat. Dat er in de privésector zoveel meer kan worden verdiend met dezelfde inzet, kennis en talent. Dat elders een heel wat kalmere loopbaan kan worden uitgebouwd met een gelijkaardig inkomen. Dat vaak een deel moet worden afgedragen aan de partij. En dat er aan deze extra verdiensten niets onwettelijk is. 

Dat laatste zou er nog moeten aan mankeren. En hoe reëel de andere argumenten ook kunnen zijn, ze dienen haast altijd om te maskeren dat het om sommen gaat die niet in verhouding staan met de geleverde prestaties. Weinigen zullen immers vallen over bijverdiensten van enkele honderden euro per jaar. Alhoewel politici niet te licht moeten gaan over het maximum van 205 euro dat per vergadering van een intercommunale kan worden opgestreken. Talloze vrijwilligers verzetten in eindeloos vele organisaties gratis en voor niets bergen werk. Niet zelden gaat dat ook daar gepaard met veel verantwoordelijkheid, gespecialiseerde kennis en onontbeerlijke ervaring. Denk alleen al binnen de katholieke kerkgemeenschap in Vlaanderen aan de honderden schoolbesturen, kerkraden, dekenale en zovele andere  vzw’s. 

Overigens zijn de meeste politici in ons land wel goed betaald. Alleen op het lokale niveau zijn de financiële verdiensten doorgaans verre van overdreven ten opzichte van het beslag dat het plaatselijke mandaat op de politicus legt. Maar de enige juiste remedie is daar een fair loon tegenover stellen. Alle andere oplossingen zijn gedoemd als een boemerang terug te keren in het gezicht van een geloofwaardige politiek. 

Maar laten we vooral niet vergeten zelf voor de spiegel te gaan staan. Avaritia, hebzucht, is zo des mensen. Wie durft te beweren nog nooit in de bekoring te zijn gekomen? Stellen trouwens niet heel velen een geslaagd leven net gelijk aan het hebben van macht, geld of ander bezit? Nochtans zijn maar weinigen daarmee echt gelukkig geworden, wel integendeel. 

Al in de joodse Bijbel, duizenden jaren geleden, wordt de hebzucht stevig gehekeld. Het jonge christendom gaat onverminderd in dat spoor verder en bestempelt de avaritia als een grote zonde. Later, onder paus Gregorius I in de zesde eeuw, wordt ze definitief een van de zeven hoofdzonden: zonden die op hun beurt tot vele andere leiden. Ze staat in zijn lijst op nummer twee, net onder de superbia of hoogmoed.  “Hebzucht staat gelijk aan afgoderij”, schrijft de apostel Paulus letterlijk in zijn brief aan de christengemeente van Kolosse (3, 5). Hoe veelzeggend dat de meeste idolen in onze maatschappij niet alleen leven in grote rijkdom en luxe, maar vooral dat we daar dan weer zelden of geen kritiek op hebben. 

Voor eigen deur vegen, kan nooit kwaad.

Uw reacties zijn welkom op geert.dekerpel@tertio.be

» Meer lezen (pdf, enkel voor abonnees)